Groene Dag
Gezond eten - Groenten en fruit!
Kopstukken van de Natuurlijke Hygiëne - 1

Lezers van NatuurStemmingen vragen mij vaak : “maar wie is die Albert Mosséri, waar u zo vaak naar verwijst ?”

Hij woont in Frankrijk, heeft wat vastenbegeleiding betreft niet ondergedaan voor Dr. Shelton en schreef tientallen boeken over voeding en gezondheid.

Wat hij schrijft is zo tegen elke commerciële inmenging, zo correct aangepast aan de levenswetten, en ik zou niets liever willen dan dat u zijn boeken gaat lezen.

Albert Mosséri

Albert Mosséri is waarschijnlijk de meest invloedrijke hygiënist buiten het Engelssprekende taalgebied. Afkomstig uit Egypte, waar hij zijn eerste strijd voor natuurlijke hygiëne streed breidde zijn werk uit naar het Midden Oosten, Frankrijk en Canada.

Hij schreef talrijke boeken en artikels omtrent natuurlijke hygiëne en vertaalde heel wat literatuur uit Shelton’s werk in het Frans.

Er is geen werk van hem in het Nederlands in omloop. Dat is jammer, want zijn scherpe, ontleedkundige kijk op voeding en gezondheid is zo uniek en getuigt van inzicht in de natuurlijke processen en kennis over de ware bedoeling van de voeding. Zelden hebben boeken mij zoveel waarheid geopenbaard als het lezen van de boeken van Mosséri, die ik dan ook aan iedereen kan aanbevelen. Zelfs al weerhoudt hij zich niet om de etterbuilen te openen en namen te noemen, toch werkt deze literatuur versterkend en verklarend. Veel gezondheidsproblemen worden binnen de kortst e keren van hun medische mystificatie ontdaan.

® La nourriture idéale et les combinaisons simplifiées.

® Pour soigner sans opération: hernie, hémeroïdes, ptoses, varices…

® Jeuner pour revivre.

® Confiez votre santé à la nature.

® L’antimedicine.

® Le goulag du SIDA.

Zijn de belangrijkste boeken die in de loop van zijn 48 jaar gezondheidspraktijk in de natuurlijke hygiëne van zijn hand kwamen.

Toen hij 17 jaar was in 1942, had hij problemen met de spijsvertering, vooral door over-eten. Zijn gedachten waren niet helder, hoofdpijn, concentratieproblemen, studiemoeilijkheden… Ondanks het feit dat hij een natuurlijk vegetariër was, die nooit vlees gelust noch gegeten had. Hij begon te zoeken in gezondheidsliteratuur en het enige wat hij kon vinden waren engelse boeken over natuurlijk kuren door Harry Benjamin. Hij vond ook het tijdschrift ‘Health Culture’ en later ‘Health for All’. Ondanks de concentratiemoeilijkheden en de gebrekkige kennis van het Engels, wist hij met behulp van het woordenboek, toch inzicht te verwerven in de basisregels van de natuurlijke hygiëne. Deze regels hadden hem zo gegrepen, dat hij er verder wilde over stude-ren. In 1952 studeerde hij in een Indiaas instituut, waar hij door Dr. Modi sterk gesteund werd en een overvloed aan literatuur toegestopt kreeg. Toen hij echter met Dr. Modi sprak over Thomson en Shelton, antwoordde deze hem, dat hij de twee moeilijkste auteurs had uitgekozen en dat Modi moeite had om hen te begrijpen.

Terug in Caïro, begon hij werk van Shelton en Thomson te vertalen in het Frans. In meerdere tijdschriften kreeg hij de gelegenheid om revolutionaire artikels te schrijven tegen de geneeskunde. “Op de leeftijd van 25 jaar, had ik me de hevigste woede van de geneeskunde op de hals gehaald en ik werd bedreigd met vervolging tot wanneer ik mijn aanvallen stopte.”

"Ik publiceerde verschillende brochures, vooral gebaseerd op Dr. Shelton’s werk. Ik deed afstand van elk copyright, en ik zocht een uitgever in Parijs." Shelton had hem namelijk verteld, dat dergelijk waardevol werk nooit een copyright mocht dragen, om te vermijden dat de geneeskunde er beslag zou op leggen, door de copyrechten te kopen en het boek uit de handel te nemen. Zij deden dit vroeger reeds met Alfred McCann’s boeken. De uitgever van Bionaturisme, Gerard Nizet, heeft een stevige stoot gegeven aan het propageren van dit werk in alle Franssprekende landen.

Daar de verspreiding van zijn literatuur aanleiding gaf tot vragen en begeleiding, diende in deze behoefte te worden voorzien. Mensen hadden gelezen over de mogelijkheden om dankzij de juiste voeding en vasten, alle kwalen te overwinnen doch er was niemand die hen hierin de nodige steun kon geven. In zijn later opgerichte "Maison de l’Hygiëne Naturelle" heeft hij duizenden personen begeleid, hoofdzakelijk chronische zieken, die ter plaatse een vastenkuur ondergingen. Ongeveer de helft van de kuurgasten waren afkomstig uit het buitenland. In zijn boek "Jeuner pour revivre" beschrijft hij, hoe hij gedurende de jaren kuurhuis-praktijk meer dan 3000 mensen begeleid heeft bij vasten.

De tijd die de kuurgasten doorbrachten werd gevuld met studie, lezingen, discussie, met positieve activiteit: tuinieren, zaaien, planten, schilderen, relaxeren…Tijdens de dagelijkse kleine wandeling werden sommigen wel eens verleid om van de rijpe bessen, kersen, of wilde aardbeien te snoepen, ondanks hun vasten.

Het werk in het kuurhuis was niet gemakkelijk en had soms dramatische ontwikkelingen en kostte ook ontzettend veel energie, terwijl het belangrijkste werk is, zorgen voor meer bekendheid van de principes van de natuurlijke hygiëne. In vele landen, overal ter wereld, is nooit een boek verschenen over het Hygiënisme. Zelfs in de Verenigde Staten zijn niet meer dan 200 à 300 boeken te vinden omtrent deze materie, terwijl de medische boeken in de honderdduizenden worden uitgegeven. Over de hele wereld verspreid, zijn er slechts een dozijn hygiënistische centra, die meestal geen wettelijke bescherming hebben, waardoor ze bij de minste fout kunnen gesloten worden. Er is nog zoveel werk te doen om dit gedachtengoed ingang te doen vinden. Er is totaal verkeerde informatie over ‘vasten’, over gezonde voeding.

Men moet meer belangstelling tonen om de natuurwetten te bestuderen, zoals ze beschreven zijn in het boek van Albert Mosséri : "Confiez votre santé à la nature".

Wanneer en hoeveel men moet eten

Luigi Cornaro

Luigi Cornaro was een Italiaanse aristocraat uit de 15e eeuw. Toen hij 40 was, was hij zo ziek dat zijn dokters er bij hem op aandrongen zijn testament te maken en verder klaar te zijn om van het leven afscheid te nemen. Hij vatte het idee op, om slechts weinig te eten, zonder iets aan zijn dieet te veranderen. Tot zijn grote verbazing genas hij van al zijn zogezegde ongeneeslijke kwalen. Bovendien overleefde hij al zijn dokters tot de leeftijd van 104 jaar, met een schitterende gezondheid, een enorm uithoudingsvermogen en een bijzondere kracht. Zijn geestelijke vermogens waren zo helder en op hoge leeftijd wijdde hij zich nagenoeg uitsluitend aan de filosofie, waarover hij talrijke volumineuze werken schreef. 102 jaar geworden, schreef hij het boek : “Hoe Honderd Jaar Worden ?”, dat hij opstuurde aan alle koningen, ministers en hoogwaardigheidsbekleders. Op de dag van zijn 100e verjaardag, danste hij de ganse nacht met een jong meisje van 20, zonder enig spoor van vermoeidheid. Zijn methode bestond eruit, dagelijks 600 gr. te eten. De voedingsmiddelen waren dezelfde als al de anderen : brood, vlees, wijn, fruit, groenten, enz. Indien deze persoon dergelijke resultaten wist te behalen op het vlak van zijn gezondheid en zijn lange levensduur, spijts het gebruik van voedingsmiddelen die eigenlijk voor de mens niet geschikt zijn, dan is dit vooral te danken aan de beoefening van de matigheid.

Thomson

Thomson was zonder twijfel geïnspireerd door Cornaro. Op vele punten vinden we gelijkenissen. Behalve:

- dat de groenten werden gekookt in water, zonder boter, zonder olie, zonder vlees en zonder wijn. Volgens dit systeem zag het voedingspatroon er als volgt uit :

  • ‘s morgens : 1 stuk fruit, evt. yoghurt (alles tesamen +/- 200 gr.) indien men het nodig heeft (honger)

  • ‘s middags : alles samen 300 gr. : 1 snede volkorenbrood, honing, salade, rauwkost, olie, citroen. 16 u. : een weinig appelsap.

  • ‘s avonds : alles samen 600 gr. : groenten, zachte kaas, dessert (fruit of compote, of ijs of taart). Thomson behaalde met zijn systeem opmerkelijke resultaten, zonder over te gaan op vasten. Hij hekelde zelfs het vasten, dat hij omschreef als “een remedie”.

Wat wij van deze beide personen kunnen leren, is hun principe van matigheid, zonder ‘streng’ te zijn voor zichzelf. Met de kennis van vandaag, zijn wij in staat een voedingssysteem te ontwikkelen, dat ook rekening houdt met de natuurwetten. Dit systeem wordt duidelijk geïllustreerd door A. Mosséri.

Het Ideale Primitieve Dieet

Bij het ontwaken:

  • Niets drinken, niets eten, geen tandpasta.

  • Een vuile, kleverige tong is een teken van eliminatie. Wachten tot de mond uit zichzelf proper wordt.

In de loop van de dag:

  • De duidelijke honger afwachten (propere mond, niet kleverig, niet droog, niet rauw, geen trekkingen, geen beslagen geest.)

  • KALMEER deze hevige honger enkel met 2 à 3 stukken fruit van dezelfde soort. Opnieuw een hevige honger afwachten en hernemen...

's Avonds :

  • Salade

  • Rauwkost

  • Half-gekookte groenten - 5 dadels of dergelijke - 5 nootjes of andere

  • Het fruit niet eten voor de eerste tekenen van honger, maar wachten tot de honger meer uitgesproken wordt, minstens één uur. (zie A.Mosséri)

Mosséri zag in zijn ontledingen van diverse voedingssystemen, dat in de systemen van Cornaro en van Thomson het natuurelement ontbrak. In het systeem van Mosséri is zorgvuldig uitgegaan van de natuurwetten, waarvan de basis is : STERKE HONGER. Eten wordt niet afhankelijk gesteld van uurregelingen, die het opkomen van deze enige juiste honger tegengaan. Door zich steeds vroegtijdig te verzadigen wordt de maag uitgerokken. Er is in de mens iets dat hem kan leren wat en wanneer hij moet eten. Noem dit het zuivere instinkt. De kennis hierdoor opgedaan wordt aangevuld uit hetgeen wij uit de natuur kunnen leren.

  1. De toegelaten voedingsmiddelen, zijn deze die specifiek zijn voor de mens (fruit, groenten en wortels), terwijl Thomson ook andere voedingsmiddelen inlaste, die infeite voor andere levende wezens geschikt zijn (honing, melk, granen, eieren, enz.)

  2. Bij Mosséri worden de voedselcombinatieregels gevolgd, terwijl Cornaro en Thomson er geen rekening mee hielden.

  3. Bij de methode Mosséri ligt de nadruk op het afwachten van de STEVIGE HONGER en zijn BEVREDIGING door te KALMEREN, d.w.z. dat men rekening houdt met het natuurlijk instinkt en dit niet langer onderdrukt noch negeert, noch straft. Het is meer het ontwikkelen van het plezier, gezien tijdens een stevige honger, het genoegen van het eten op zijn maximum is. Het is niet eten, telkens bij de eerste of minste gedachte aan honger, maar wachten tot de honger een uitgesproken karakter heeft gekregen.

  4. Doordat de dwang van een vast uur -en voor iedereen hetzelfde- wegvalt, heeft men de vrijheid om te luisteren naar de persoonlijke honger. Die kan zich meermaals per dag aandienen of misschien slechts één enkele keer.

  5. De Juiste Dosis ! Wie matig eet, verteert zijn voeding gemakkelijk, is goed gevoed en in de mogelijkheid zich bezig te houden met de dagelijkse dingen van het leven. Personen die te veel eten, overbelasten hun vertering en zijn slecht gevoed, vergiftigd, en zijn veelvuldig in een toestand waarin het onmogelijk is om zich met z’n dagelijkse bekommernissen in te laten.

  6. Een zekere Sir Francis Read, drukte zijn verbazing uit, toen hij de groepen ‘kuurders’ van thermale baden observeerde, toen zij in de rand van hun ‘kuur’ enorme hoeveelheden voedsel naar binnen werkten. Het middagmaal was zo overvloedig, en bestond uit ongelofelijke massa’s voedsel, gevolgd door zalm, gevogelte, puddings, en nog eens vlees, vruchtenmoes, en nog enkele ribbetjes... Volg dan maar een gezondheidskuur ! Een levend zwijn is verontschuldigd in zijn eigen vuil, het zou zeker verrast zijn, nog andere dieren te zien die zich tegen de middag volproppen met een verscheidenheid van zoveel verschillende voedingsmiddelen. Sir Read vervolgt : “Bijna alle ziekten kunnen rechtstreeks of onrechtstreeks in verband gebracht worden met de maag. Ofschoon ik nooit een dokter heb gezien, die wel de polsslag nam en ook de keel inspecteerde, die tenslotte tegen de zieke zei : u hebt teveel gegeten, u hebt teveel gedronken en u hebt te weinig oefening gehad !”. De constitutie is niet in deze weinig perfecte toestand geschapen. Het zijn de mensen zélf, die generatie na generatie, hun lichamen overbelasten door een onjuiste en verkeerd gedoseerde voeding. Onze creativiteit is erin geslaagd een natie van zwelgers voort te brengen en we raden aan onze kinderen aan meer te eten. Vanaf de geboorte stimuleren wij hen om zich vol te proppen. Kijk maar naar de eetgelegenheden, de restaurants en de hotels, de patisserieën, de bakkers, de kruideniers,... zelfs de kamers der zieken, en u ziet onbeschrijfelijke taferelen van gulzigheid, tot het weerzinwekkende toe. Deze festijnen bevatten alles wat maar enigszins kan gegeten worden en de enige maatstaf voor de hoeveelheid is de weerstand van de maag. We eten tot zolang onze maag onmogelijk nog iets meer op kan. Wij benaderen bijna de Egyptische toestanden, die waren afgestemd op mateloosheid.